Gezondheid 

De ziekte genoemd : Aging

Thursday 24 August 2017
435
  • Facebook
  • Twitter
  • Pinterest

Geneeskunde & Gezondheid

Laten we eens kort kijken naar de geschiedenis der geneeskunde. Dan bedoel ik niet in het bijzonder medische ontdekkingen en technieken, hoewel die ook terloops aan de orde zullen komen. Het gaat mij om de vísie op geneeskunde en gezondheid, respectievelijk geneeskunde en ziekte.

Préhistorie

Over de prehistorie is uiteraard weinig of niets bekend. Hoewel... er zijn schedels gevonden die getuigen van wat waarschijnlijk de eerste operatie was: trepanatie, het boren van een gat in de schedel. Antropologen gaan er vanuit dat deze ingreep vooral werd uitgevoerd bij psychische aandoeningen. Het gat van 2 tot 5 cm doorsnee gaf kwade geesten de gelegenheid uit de schedel te ontsnappen. In die tijden werd ziekte gezien als iets dat veroorzaakt werd door demonen. De ‘therapie’ bestond uit magische spreuken, dansen, amuletten en –als voorloper van de moderne geneeskunde- het geven van kruiden of kruidenmengsels. Lukte het niet de boze geest op deze manier uit te drijven, dan werd overgegaan tot harde maatregelen: martelen en uithongeren van de patiënt of het geven van kruiden die hevig braken opwekten. Priesters, medicijnmannen en sjamanen, vormden de eerste linie in de prehistorische ‘gezondheidszorg’.

Egypte

Ook in het oude Egypte werd tegen ziekten aangekeken als een straf van de goden, maar geleidelijk kwam men tot een meer nuchtere en realistische kijk op allerlei aandoeningen, door observatie en ervaring, de zogenaamde ‘empirische visie’. Een verschijnsel dat zich steeds weer in andere culturen en perioden zal voordoen: de grote massa die blijft geloven dat demonen de oorzaak van ziekten zijn en daartegenover een groep kritische waarnemers, die aan erfelijke- en omgevingsfactoren denken. De eerste échte arts was een Egyptenaar die zich had losgemaakt van het mystieke dogma der demonen, Imhotep (ca. 2600 jaar vóór het begin van onze jaartelling). Hij is bekend gebleven door zijn onderzoek naar pathologie (ziektekunde) en fysiologie (wetenschap van de functies van het lichaam). Dat hij daarnaast een architect was die piramides bouwde, zij terloops vermeld. Tandheelkunde werd in het oude Egypte al gezien als een apart medisch specialisme.

Mesopotamië

Ook in Assyrië en Babylonië heerste aanvankelijk de opvatting dat demonen de ziekten veroorzaakten en dat deze konden worden uit

gebannen door magie. Destijds beschouwde men de lever als de zetel van de ziel en er zijn zeer accurate klei-modellen van levers gevonden. Ook de oer-farmacologie kwam tot een voor die periode welige bloei. Er werden meer dan vijfhonderd verschillende medicijnen gebruikt. Op basis van plantenextracten, boomschors, wortels, zaden en bepaalde mineralen. Voor het eerst ontstond er enig inzicht in de cruciale rol van voeding en dieet voor een goede gezondheid.

India

In India ontwikkelde zich de Ayurvedische geneeskunde (1500-1000 jaar voor Christus). De artsen pasten uiteraard het gebruik van kruiden toe. Zo werd Cannabis gegeven als verdovingsmiddel bij operaties. Waarschijnlijk zijn de eerste plastisch chirurgische operaties (aan de neus) verricht door Hindu chirurgen.

China

In China ging men uit van de Yin & Yang filosofie. Ziekten werden gezien als een onbalans tussen deze beide krachten. Reeds 4000 jaar geleden werd de acupunctuur ontwikkeld. Ziekten als Malaria, huidaandoeningen en geslachtsziekten werden accuraat uitgewerkt op schrift gesteld in het tekstboek Nei Ching, geschreven tussen 500-300 jaar voor Christus. Men gebruikte vele medicijnen op basis van planten, waaronder opium, dat tot op de dag van vandaag nog steeds als pijndempend middel wordt gebruikt. Niet alleen in China,maar over de hele wereld zijn alkaloïden van de opium papaver (Papaver Somniferum) zoals noscapine, codeïne en morfine nog steeds eerste keus bij de onderdrukking van de hoestprikkel en demping van –hevige- pijn.

Hippocrates

De Griek Hippocrates (460-377 voor Christus) wordt beschouwd als de vader der moderne geneeskunde. Naar hem is eed genoemd, die artsen moeten afleggen. De oorspronkelijke tekst werd een aantal malen gewijzigd en aan de geest der tijd aangepast. Toch blijft hij de eerste arts die de medische ethiek invoerde. ‘Primo non nocere’ (In de eerste plaats geen pijn doen/veroorzaken), was zijn uitgangspunt. Hij keerde zich tegen de, ook in het oude Griekenland heersende overtuiging, dat ziekten een straf van de goden waren.  ‘Snijden’ oftewel operaties verrichten, vond hij eigenlijk niet bij de artsenpraktijk horen. Vreemd, want in de Ilias van Homerus (8e eeuw voor het begin van onze jaartelling), waarin de Grieks-Trojaanse oorlog de achtergrond vormt voor allerlei intermenselijke verwikkelingen1, blijkt dat er een goed inzicht bestond m.b.t. tot de behandeling van verwondingen, die in een oorlog uiteraard veelvuldig voorkomen. Chirurgie werd beschouwd als een apart specialisme, duidelijk te onderscheiden van inwendige geneeskunde. Deze scheiding bleef eeuwenlang bestaan. Pas in 1865 werd chirurgie als een medisch specialisme erkend. Daarvoor was snijden, opereren, het werk van de barbier.

Europa

In het Europa van de middeleeuwen kwam de ontwikkeling slechts langzaam op gang. Bijgeloof tierde welig en ziekten werden –alweer!- gezien als een gevolg van de infiltratie van demonen. Tegen bacteriële ziekten als de pest stond men geheel machteloos. De eerste epidemie (1347-1351) eiste de levens van 25% van de Europese bevolking. In de renaissance zette zich een vernieuwing van inzichten door. Leonardo da Vinci, wereldberoemd geworden als beeldend kunstenaar, was ook uitvinder en wetenschapper. Hij verrichte sectie op lichamen en maakte zeer gedetailleerde tekeningen van de menselijke anatomie. 

De naar Holland gevluchte Franse filosoof René Descartes2, verrichte ook secties en stond aan de wieg van een tweespalt: Descartes behoorde tot de richting die het lichaam zag als een machine. Deze groep werd bekend als iatrofysici. Tegenover hen stonden de aanhangers van de Vlaamse arts en scheikundige Jan van Helmont, die elk leven zagen als een aaneenschakeling van chemische processen. Zij werden bekend als de iatrochemici en stonden aan de basis van de moderne farmacologie.

Traditionele visie

Hoewel het ledental van de American Academy of Anti Aging Medicine (A4M) en de World Academy of Anti Aging Medicine (WAAAM) nog steeds exponentieel stijgt, blijven de ‘life extension’ artsen wereldwijd een zeer kleine minderheid. Nog wel... 

De traditionele visie overheerst. Medici en biologen maken nog steeds een duidelijk onderscheid tussen ziekten (die behandeld kunnen worden) en het proces van veroudering, dat gezien wordt als een natuurlijk verloop waar nu eenmaal niets aan te doen valt en waarmee we ‘moeten leren leven’. De aanval op deze eeuwenoude, ingeroeste visie is echter ingezet...
Op een congres van gerontologen3 in Washington D. C. zorgde de wetenschapper Angelo Turturro voor een gigantische opschudding met de volgende uitspraak: ‘Alles wat wij veroudering noemden, is niet meer dan een verzameling ziekten en aandoeningen. Dat geldt voor alles... een stijging van de bloedsuikerspiegel... insuline ressistentie, cataract (grijze staar)... het ontstaan van rimpels... kwaadaardige tumoren... enz. Schakel al deze aandoeningen uit en we kunnen alleen maar speculeren over de haalbare maximum leeftijd.’ De zaal raakte in rep en roer. Vele gerontologen wilden het woord voeren, doch werden letterlijk overschreeuwd door één jonge vrouw die vroeg: ‘En hoe zit dat met de menopauze? Is dat soms ook een ziekte!?’ ‘Jazeker’, antwoordde Turturro ‘Het zijn de pathologische veranderingen in hormoonbalans die zorgen dat vrouwen hun vruchtbaarheid verliezen. Los het probleem op en een vrouw zal moeder kunnen worden op elke leeftijd.’ Schokkend en wellicht wat overdreven? Turturro baseerde zijn uitspraken op experimenten die hij en Ronald Hart hadden uitgevoerd op muizen. Het begon allemaal met een restrictie van de calorieën. Muizen werden in twee groepen verdeeld: één groep die voortdurend de beschikking had over voedsel (de controle groep) en één groep die op een laag-energetisch dieet werd gezet. De controlegroep vertoonde het normale patroon van veroudering, diabetes, hart- en vaatziekten, tumoren. De experimentele groep daarentegen bleef bijna vrij van deze aandoeningen en de levensduur werd in een aantal gevallen zelfs verdubbeld. Voor de mens zou dit een maximum leeftijd van ca. 150 jaar kunnen betekenen. Nu kunnen we onderzoek op dieren niet direct transponeren naar de mens maar kenmerkend is wel, dat calorie-restrictie bij alle tot dusver onderzochte levensvormen, van bacteriën en fruitvliegjes tot knaagdieren en apen, leidt tot een langere levensduur.

‘Recentelijk slaagden onderzoekers er in de levensduur van bacteriën te vertienvoudigen’

Recentelijk slaagden onderzoekers er in de levensduur van bacteriën te vertienvoudigen. ‘Bij de mens zou dat een maximum leeftijd betekenen van 750 tot 800 jaar.’ , juichten aanhangers van de anti-aging beweging. Een speculatie die mij nét even te ver gaat. Hier is wellicht de wens de vader van de gedachte.

Nu is er de laatste decennia in de reguliere opvattingen over ziekte en gezondheid wel het één en ander gewijzigd. Sprak men vroeger van verplichte verzekering bij het ziekenfonds, nu wordt gesproken van zorgverzekering, een heel andere en veel ruimere invalshoek. Ook in de reguliere geneeskunde zet de trend naar preventie zich door. Het belang van dieet en beweging (door medische pioniers al duizenden jaren geleden beschreven) begint ook door te dringen. Er is echter nog wel enige tijd te gaan en een hoop werk te verzetten. Zeker in Nederland, dat met drie leden van de A4M tamelijk laag scoort, zeker vergeleken bij Amerika en Azië. In Thailand zijn vele tientallen artsen lid. Afrika is een vrijwel ontontgonnen gebied, alleen Ghana telt twee leden. Maar de geschiedenis laat duidelijk zien dat nieuwe opvattingen in de medische wetenschap tijd nodig hebben om geaccepteerd te worden. Toen de Hongaarse arts Semmelweis artsen adviseerden hun handen te wassen met carbolzeep en gechloreerd water, werd hij voor gek aangezien. Het duurde nog enkele tientallen jaren vóór de antiseptische maatregelen algemeen werden erkend.

1 De Ilias is verscheidene malen verfilmd. De meeste recente rolprent: TROY met Brad Pitt als Achilles, geeft goed de sfeer weer van deze tien jaar durende oorlog. 2 De filosofie van Descartes is achterhaald. Hij werd bekend door de uitspraak: ‘Cogito ergo sum’ (Ik denk dus ik ben). Dit impliceert dat dieren of planten die niet kunnen denken er ook niet  zijn. 3 artsen en paramedici die zich gespecialiseerd hebben op het verschijnsel ‘ouderdom’


 

Herman was net veertig geworden toen hij tegen me zei: ‘Ik merk dat ik oud word. Dingen die me vroeger gemakkelijk afgingen, kan ik niet meer of alleen met grote inspanning.’ ‘Geef eens een voorbeeld, Herman.’ ‘Nou trappenlopen, ik bedoel snél trappen op en af gaan. Toen ik twintig was en in Purmerend woonde, kreeg ik een baan in Amsterdam. Ik ging met de trein en de stadsbus.’ Als de trein aankwam, had je nog zo’n 5 minuten om de bus te halen. Ik rende de trappen af, zonder de leuning ook maar aan te raken. Op de terugweg idem dito: een spurt op de treden, soms één of twee overslaan om m’n trein te halen.

Kijk, en dat kan ik niet meer.’

‘Hoezo?’ ‘Verleden week was m’n auto stuk en ik kon geen vervanging krijgen, dus maar als vanouds met de trein naar m’n werk. Ik kon bij het af en op lopen van de trappen geen tempo meer maken en moest me aan de leuning vasthouden omdat ik bang was te vallen, treden overslaan was er al helemaal niet meer bij. Ik miste m’n bus en later m’n trein.’

‘En jij denkt dat dit met je leeftijd te maken heeft?’

‘Ja natuurlijk, ouderdom komt met gebreken.’

‘Ouderdom? Op je veertigste?’

‘Uiteraard, anders kon ik die trappen nog net zo makkelijk nemen als vroeger.’

‘Even recapituleren: je ging eerst met de trein en toen met de auto naar Amsterdam?’

‘Ja.’

‘Vanaf je twintigste met de trein... wanneer ben je voor het eerst met de auto gegaan?’

‘Toen ik vijfentwintig was.’

‘Je hebt dus vijftien jaar geen trappen in hoog tempo op en af gelopen?’

‘Nee.’

‘En op je werk? Geen trappen lopen?’

‘Ja zeg, ik ben niet gek. Zesde verdieping, dan neem je toch de lift.’

‘Dus feitelijk heb je zo’n vijftien jaar geen trappen gelopen?...’

‘Jawel, als ik bij vrienden in de Jordaan kwam. Twee trappen op en af.’

‘In rap tempo?’

‘Nee, gewoon kalm aan.’

‘Dagelijks?’

‘Mmmm, één of twee keer per maand.’

‘En het is niet bij je opgekomen dat je niet meer in sneltreinvaart trappen kunt op en af lopen, omdat je het vijftien jaar niet gedaan hebt?’

‘Hèhh?’

‘Ja, beste jongen. Use it or loose it… een natuurwet. Wat je lange tijd niet gedaan hebt, gaat je minder makkelijk af dan toen je het met regelmaat deed.’

‘Je denkt toch niet dat ik daarom voortaan de auto laat staan, maar de trein neem?’

‘Nee, als je maar trappen loopt,of liever gezegd: als je maar beweegt. Doe je aan sport?’

‘Ja biljarten en sinds kort speel ik golf.’

‘Ga een hardlopen of een fitness programma afwerken. Liefst beide.’

‘Heb ik geen tijd voor.’

‘Smoes... je hebt er geen zin in en ziet niet in dat je op deze manier er over een jaar of tien, twintig nog veel beroerder aan toe bent dan nu.’

De toenemende druk op het uiterlijk
Arnold Sports Festival