Gezondheid  Voeding 

Gezonde voedingsmiddelen ongezond?

Wednesday 23 August 2017
271
  • Facebook
  • Twitter
  • Pinterest

Zit je net lekker een handje noten te eten, komt er iemand langs die je even meldt dat je van noten dik wordt. Wil je op de markt net beginnen aan je haring, begint je beste vriend over de hoge kwikwaardes in zeevis tegenwoordig. Is dan helemaal niets meer veilig?

De laatste tijd is er veel te doen rondom fruit en het voorkomen van ziektes. Zo kopten de kranten recent dat wekelijks drie of meer porties bosbessen en aardbeien het risico op een hartaanval met een derde kunnen verkleinen. De verantwoordelijke stoffen zouden flavonoïden zijn. Dat zijn de kleurstoffen van een plant. Kleurstoffen zijn toch altijd ongezond? Toch niet, blijkbaar zijn er dus ook gezonde kleurstoffen want flavonoïden zijn antioxidanten en hebben een beschermende1 invloed op de bloedvaten en het bindweefsel. Daarnaast zorgen ze ook nog voor ontstekingsremmende effecten. De kleurenprachten zijn als het ware het pigment om insecten te lokken. Voor ons mensen zijn de stoffen goed, maar de plant maakt ze eigenlijk aan om zich te beschermen tegen UVstraling, oxidatie, vraat, bacteriën en schimmels. Wist je dat biologische groente- en fruitsoorten meer van deze stoffen aanmaken omdat ze niet kunstmatig beschermd worden door herbiciden of pesticiden en de kracht dus uit zichzelf moeten halen?


De planten kunnen niet wegrennen zoals mensen en dieren en daarom maken ze niet alleen antioxidanten aan om zich te beschermen tegen kleine insecten, nee planten doen ook aan chemische oorlogsvoering. Planten maken tal van stoffen aan om zich te beschermen tegen ons. Zo maken sommige planten zoals de sojaplant oestrogenen2 aan om de mannen onder ons onvruchtbaar te maken zodat de plant overleeft en niet de mens. Oestrogenen uit planten noemen we ook wel fyto-oestrogenen. Als je je hormoonbalans in tact wilt houden dan doe je er – zeker als man – goed aan om soja, bonen, erwten en pinda’s niet dagelijks te eten. Pinda’s? Ja, een pinda is geen noot maar een peulvrucht, iets wat veel mensen niet weten. Veel voedingsfanaten zullen deze voedingsmiddelen helemaal afwijzen, maar als je zo naar voeding gaat kijken dan blijft er na verloop van tijd weinig over: op elk voedingsmiddel is wel iets aan te merken. Veel voedingsmiddelen hebben een voedende kant met macronutriënten als vetten, eiwitten en koolhydraten en micronutriënten als vitamines, mineralen en antioxidanten. Het lichaam kan niet zonder. Veel groenten en fruitsoorten hebben ook stoffen die niet goed zijn voor het lichaam, deze kennen we onder de naam antinutriënten. De groep antinutriënten is een uitgebreide lijst. Enkele bekende voorbeelden zijn sopanines, lectines, fytinezuur en fyto-oestrogenen. Bijna elk voedingsmiddel heeft wel iets van een antinutriënt in zich, maar moeten we hier nu bang voor worden? Nee, zolang je maar genoeg varieert. Het Voedingscentrum maakt al jaren reclame voor gevarieerd eten, nu weet je waarom. Wanneer je voldoende afwisseling hebt in je dagelijks voedingspatroon dan kan je lichaam prima afrekenen met de antinutriënten en tegelijkertijd profiteren van alle voordelen. 

 


Wie varieert er nu genoeg? De gemiddelde Nederlander zal toch uitkomen op minstens drie maaltijden per dag op basis van tarwe. Dat tarwe gluten bevat en voor problemen kan zorgen, is voor velen geen nieuws, maar dat tarwe ook antinutriënten bevat die interfereren met ons spijsverteringproces is voor velen nieuw. Alle noten, zaden, peulvruchten en bonen bevatten fytinezuur. Dat heeft als eigenschap dat het de mineralen magnesium, calcium, zink en ijzer aan zich bindt3. Eenmaal gebonden loopt het lichaam dus waardevolle mineralen mis. Dit is geen enkel probleem wanneer het incidenteel plaatsvindt, maar bij een eenzijdig voedingspatroon kan dit op de lange termijn problemen geven. Als je bedenkt dat muesli, pap, energierepen, brood, koekjes, bindmiddelen, couscous en pasta allemaal op basis van tarwe zijn gemaakt, dan wordt ook duidelijk dat we veel te maken hebben met de mineralenrover fytinezuur. Op termijn kun je dus grote tekorten krijgen van de mineralen magnesium en calcium.

‘Bijna elk voedingsmiddel heeft wel iets van een antinutriënt in zich, moeten we hier nu bang voor worden?’


Magnesium en calcium zijn betrokken bij meer dan driehonderd lichaamsprocessen met als hoofdfuncties een bijdrage in de energieproductie, goede werking van de spieren en zenuwen en ook sterke botten. Sporters en mensen onder stress verbruiken enorm veel magnesium. Een magnesiumtekort herken je aan geestelijke en lichamelijke gespannenheid. Wanneer je last hebt van spierkrampen dan weet je zeker dat je lichaam vraagt om magnesium. De rijkste bron van magnesium in onze dagelijkse voeding is chocolade. Niet de melkchocolade, maar de pure. Dat is niet alleen rijk aan magnesium, maar ook aan antioxidanten. Cacaobonen zijn ook weer afkomstig uit het plantenrijk en hebben – jawel – ook weer antinutriënten in zich: oxalaten. Die hebben een vergelijkbare werking als fytinezuur. Moet je daarom chocolade links laten liggen? Wees gerust, chocolade bevat een ruime hoeveelheid antioxidanten in de vorm van flavonoïden. Die zijn goed voor hart- en bloedvaten.
Moeder natuur heeft ons nog meer gegeven om onze hart- en bloedvaten te schoon te houden. Van de week bood iemand mij een biertje aan, maar eigenlijk drink ik al jaren niet tot nauwelijks. Na het drinken van het biertje had ik sterk het gevoel dat mijn aderen ‘schoner’ waren. Ik heb inmiddels heel wat onderzoeken gelezen en nu blijkt inderdaad mijn vermoeden bevestigd. Af en toe een biertje of wijntje is goed voor de aderen: ik vermoed dat alcohol een vetoplosser is en daarom opgehoopte plaque verwijdert in de aderen. Onder meer het Trimbos GGZ instituut vermeldt dit. Rode wijn bevat ook veel rode kleurstof en dus flavonoïden die de meesten wel kennen als resveratrol. Als je voor je gezondheid iets van alcohol zou drinken, is het verstandig dat niet dagelijks te doen en beter geen sterke drank. Wijn en bier bevatten veel mineralen en antioxidanten, sterke drank bevat voornamelijk suiker. De calorische waarde van alcohol overtreft ruimschoots koolhydraten en eiwitten. Alcohol is dus een echte dikmaker. Het gaat allemaal om balans, want zelfs water is dodelijk bij te grote hoeveelheden terwijl het bij normale hoeveelheden juist zeer reinigend is. Het hangt dus af van het gebruik of alcohol slecht is of goed.

'Voeding en eten is toch meer een kwestie van voeden: het voedt je lichaam, maar ook je geest.’


Bij vetten kennen we een vergelijkbare situatie. Veel mensen zijn extreem bang voor vet, maar dat is helemaal niet nodig. Of vet gezond is of ongezond, hangt af van het soort vet dat je eet. Vetten zijn erg ingewikkeld, er zijn meer dan dertig soorten. Die kun je onderverdelen in verzadigd, enkelvoudig onverzadigd of meervoudig onverzadigd vet en alsof dat nog niet genoeg is, hebben we ook nog de omega 3, 6, 7 en 9. Het beeld dat in de laatste jaren is ontstaan, is dat omega 3 gezond is en dat verzadigd vet gevaarlijk is. Ik ken iemand die dit erg serieus nam en zich rijkelijk bediende van oliën uit de categorie omega 3. Na zo’n drie tot vier maanden kreeg mijn goede vriend toch de nodige klachten zoals een droge mond en grotere gevoeligheid voor blauwe plekken. Omega 3 verdunt je bloed, daar wil je dus niet teveel van binnen wilt krijgen. Alle vetten hebben hun functie in ons lichaam, behalve transvetten. Die komen vrij bij het verharden van vloeibare vetten zoals bij margarines.
Transvetten zijn voor het lichaam vreemde vetten en blokkeren omzetprocessen van gezonde vetten5. Geen weldaad voor je lichaam dus. Transvetten vind je in veel bewerkte producten zoals koekjes, chips en margarines. Verzadigde vetten zijn echter lang zo slecht niet als de media ons doen geloven. Ze staan aan de basis van cholesterol en cholesterol op zijn beurt weer van ontzettend veel hormonen. Een belangrijke neurotransmitter prognenolon, die zorgt voor een goede geheugenwerking, wordt onder andere uit cholesterol gemaakt. De geslachtshormonen oestrogeen en testosteron worden ook geproduceerd uit cholesterol. Als je veel spieren wilt, kun je maar beter af en toe een eitje met bacon eten. Maar overdrijf niet want voor je het weet, slaat de balans weer de verkeerde kant uit.
Veel mensen die aan krachttraining doen werken er hard voor en belonen zich dan met een bak kwark. Over kwark kan ik een hoop goede dingen zeggen, zoals dat het rijk is aan eiwitten en calcium. Een voedingscriticus zal kwark ook gemakkelijk naar het rijk der gifstoffen kunnen verwijzen, er zitten namelijk ook veel eiwitten in zoals caseïne. Caseïne is een eiwitfractie en kan uiteindelijk leiden tot verstoringen van het immuunsysteem6. Moet je daarom maar nooit meer kwark eten? Ik denk dat het goed is om af te wisselen. Een tip: eet af en toe kwark en wissel ook magere kwark af met volle kwark. Volle kwark is rijk aan verzadigde vetten en daarmee een bouwstof voor het spieropbouwende hormoon testosteron.


Wees dus op je hoede bij het afstrepen van voedingsmiddelen, grote kans dat er weinig tot niets overblijft. Je hebt mensen die niets geven om gezondheid en eten waar ze zin in hebben, of dat nu een hamburger is of een frikadel. Aan de andere kant van het spectrum bestaan de diehard gezondheidsfreaks die met een loep alle voedingsmiddelen tot in detail bekijken en wanneer er eenmaal een nadelig effect is geconstateerd dit voedingsmiddel voor eeuwig verbannen uit hun dagelijks menu. Het probleem is dat er zo weinig over blijft dat je uiteindelijk toch weer met een eenzijdig dieet zit opgescheept, wat niet eens meer smaakt. Voeding en eten is toch meer een kwestie van voeden: het voedt je lichaam, maar ook je geest. Wanneer je varieert en voldoende afwisselt kan je lichaam prima afrekenen met de aanwezige kwik in vis, maar tegelijkertijd profiteren van de vitamine D.

Juglen Zwaan
Photo by Brooke Lark on Unsplash
photo: foodiesfeed
archief S&F 167
Granen .... een vloek of een zegen ?
Bietensap geeft je vleugels, tenminste als je geen topatleet bent